Autor: Emil

~ 20/12/11

Paul de Krom (VVD): staatssecretaris Sociale Zaken en Werkgelegenheid – Dead man walking?

Onder meer de NOS bericht vandaag over wat eufemistisch een “aanscherping” van de bijstand wordt genoemd. Uiteraard wederom na last-minute goedkeuren van het CDA, na wat vage beloften, om haar zogenaamde sociale gezicht te redden.

De twee pijlers van het nieuwe beleid zijn simpel: 1. Bijstandsuitkeringen zijn niet meer persoonsgebonden, maar gezinsgebonden; 2. als er inwonende volwassen kinderen zijn mogen die voor de bijstand opdraaien. Een regelrechte aanval op de bestaansmogelijkheid van vele tienduizenden.

(more…)

Autor: Emil

~ 11/12/11

Morgen is dus de grote dag 🙂

Ik ben zelf de spreker die het eerste deel zal inleiden. Ik zal ongeveer in een 20 minuten kort een overzicht geven over de achtergronden van de crisis, de transformatie van een economische crisis naar een politieke (inclusief Occupy!) en proberen de vooruitzichten te schetsen voor wat de alternatieven kunnen gaan zijn.

In het tweede deel zullen we een debat hebben aan de hand van een aantal stellingen. Iedereen wordt uitgenodigd om daarbij mee te doen met de prikkelende stellingen. In het derde stuk gaan we concreet nadenken over de initiatieven die wij kunnen ontplooien, in Sittard. Wij, met nadruk, omdat daar ook jouzelf mee bedoelt wordt.

Kom dus vooral! Morgen, om 19:30, in Café Bloem, op de markt in Sittard!

Kom van die bank! De verandering begint bij ons! Wij zijn de 99%!

Autor: Emil

~ 06/04/11

En niet zo’n beetje ook! Onder meer de NOS maakt er melding van. 10 000 van de bijna 69 000 banen verdwijnen, waarvan de helft gedwongen ontslagen zijn. Het artikel meldt ook dat “naar verluidt Uruzgan-achtige missies niet meer mogelijk [zijn]”. Alle 102 Leopard tanks worden wegbezuinigd, vier van de tien mijnenjagers (bij de marine), alle 17 Cougar transport helikopters (er blijven nog 14 over van andere types) en RTL Nieuws meldt daarbij ook nog dat 18 van de 92 F-16 gevechtsvliegtuigen verdwijnen.

Nederland staat daarin overigens niet alleen. Ook bijvoorbeeld in Engeland zijn behoorlijke bezuinigingen doorgevoerd: Zo zijn bijvoorbeeld alle Harrier vliegtuigen (kenmerkend om hun vermogen verticaal op te stijgen) en bijbehorende vliegdekschepen in de prullenbak gedaan (eentje blijft, maar inactief) en moesten 42 000 banen (van de 300 000) wijken.

Wat moeten we hiervan vinden? Waarschijnlijk voor de eerste keer is het zo dat ik me kan vinden in bezuinigingen. Het is een afzwakking van het staatsapparaat, in dit geval meer specifiek van het element dat nu bijvoorbeeld gebruikt wordt in de “humanitaire interventie” in Libië. Iets wat een poging is van het imperialisme om een meer acceptabel (en liefst ook een wat minder gestoord) figuur in het zadel te helpen, maar zeker niet om de revolutie aldaar kracht bij te zetten, integendeel.

Aan de andere kant is het zeker geen leuk nieuws voor die 5000 gedwongen ontslagen. Ook mijn zwager zit in het leger en hij zou er zomaar bij kunnen zitten.

Maar wat betekent dit op politiek niveau? Nederland is dus niet uniek in haar bezuinigingen. Betekent dit dat het imperialisme, met name de NAVO, een stapje terug doet in het laten gelden van haar macht? Zullen we uiteindelijk een uittrede uit de NAVO doen, omdat we te tandeloos zijn om nog een beetje te functioneren? Dat is een mogelijkheid, maar ik denk niet een heel erg waarschijnlijke.

Waarschijnlijker – en dat is op dit moment nog een aan gissing grenzende speculatie, maar wel een die mij zinnig lijkt – is het zo dat deze bezuinigingen onderdeel zijn van een trans-Europese herconfiguratie van de strijdkrachten, dit met als doel om op middellange termijn een geïntegreerd Europees leger te vormen. Dit past binnen het EU project van verdere integratie en is iets  wat bijvoorbeeld ook al in het in 2006 afgeschoten Europese Grondwet werd geopperd.

Maar hoe staan communisten tegenover het leger? Moet het volledig afgeschaft worden bijvoorbeeld? Kort gezegd: Nee. Het leger is, samen met de politie, de gewapende arm van de staat en daarmee van de kapitalistische heersende klasse, binnen de context van de rechtsstaat. Communisten willen echter de arbeidersklasse, als collectieve entiteit, aan de macht helpen.

Wil dat project enige kans van slagen hebben, dan komt onherroepelijk de kwestie van arbeidersmilities om de hoek kijken, oftewel de algemene scholing van iedereen in het hanteren van wapens en de feitelijke bewapening van de arbeidersbeweging. Eerst en vooral ter verdediging van onszelf tegen bijvoorbeeld een Pinochet-achtig scenario en ook om delen van het politie- en legerapparaat (de gewone agenten en soldaten min of meer dus) duidelijk te maken dat er een alternatief is, waardoor splitsingen in het kapitalistisch staatsapparaat een reële mogelijkheid worden ten voordele van de arbeidersklasse. Hiervoor zijn behalve “normale” wapens ook het hypermoderne spul nodig: F-22’s, tanks, etc. Dit zijn fundamenteel democratische eisen aangezien het de arbeidersklasse sterker maakt.

Het Nederlandse leger is redelijk uniek in haar ruime vakbondsrechten. Soldaten kunnen dus gebruik maken van deze structuren om op te komen voor hun rechten. Maar zelfs al zou dat succesvol zijn (iets wat nog maar de vraag is, waarschijnlijker is dat het AFMP (een van de belangrijkere bonden in het leger en onderdeel van de FNV) zich opsteld als mediator in het “correct” laten afvloeien van deze mensen) dan zit je met het probleem dat zonder een helder revolutionair socialistisch alternatief de enig “reële” uitweg feitelijk een versterking van de staat betekent.

De bal ligt dus wederom bij revolutionair links om een levensvatbaar politiek alternatief, in de vorm van een revolutionaire oftewel communistische partij, uit te bouwen. Tot die tijd zal staan we nog ver af van een scenario van communistische soldaten en arbeidersmilities en zijn deze bezuinigingen dan ook niet te betreuren.

Autor: Emil

~ 06/03/11

De resultaten zijn dus binnen. In Limburg is de PVV zelfs de grootste geworden (met 5000 stemmen meer dan het CDA). Maar desondanks heeft de regering toch niet de benodigde meerderheid behaald voor de komende Senaatsverdeling (de nieuwe Senaat wordt overigens pas op 23 mei geïnstalleerd). Echter, links – PvdA, GroenLinks en SP – heeft ook niet bepaald een meerderheid, slechts 27 zetels zullen ze in de nieuwe Senaat bezetten, 10 minder dan de regering.

Pieter Brans heeft er zijn visie op gegeven en ik deel de conclusie dat alleen strijd de regeringsplannen echt van tafel krijgt. Dat heeft niet alleen te maken met het feit dat PvdA en GroenLinks niet echt linkse partijen zijn (beide zullen vast concessies doen richting bezuinigingen). Zelfs Tiny Kox haastte zich op de verkiezingsavond te zeggen dat “elk wetsvoorstel bekeken zal worden” (iets wat aansluit bij Roemer’s uitspraak dat de SP niet principieel tegen bezuinigingen is, maar alleen tegen dergelijke maatregelen op de “verkeerde” plekken). Het heeft er ook mee te maken dat louter parlementaire oppositie geen alternatieven opbouwt.

Hier ligt er toch een lacune bij het betoog van Pieter, iets waar een beetje overheen wordt gekeken: Waarom dropt de SP zo sterk in steun? En, als we dit weten, kan de SP dan wel een basis vormen voor en leiding geven aan  strijdbewegingen?

De reden waarom de SP zo zakt, naar mijn bescheiden mening, is vanwege de rechtse koers richting realpolitik die de partij al jaren maakt. Daar is op deze blog al meermalen over geschreven, dus ik zal mezelf niet herhalen. Mensen hebben geen behoefte aan een wat linksere variant van een transparant failliet systeem. De antwoorden die de partij aandraagt zijn geen antwoorden. Hierdoor ligt er een vacuüm in politieke behoefte van de werkende klasse, wat elke vorm kan aannemen zolang dat initiatief wordt overgelaten aan pro-kapitalistische politici.

Wilders is daarvan een voorbeeld. Hij nam zeer effectief het stokje over van de SP als dé anti-establishment partij. De SP heeft dat bij deze verkiezingen weer terug proberen te pakken met haar slogan “NU SP – Protest!”, maar dat lijkt niet te zijn gelukt. Het verhaal wat we zagen bij de Tweede Kamer verkiezingen vorig jaar draaide min of meer opnieuw af.

Hoewel, toch niet helemaal. De feitelijke steun voor de PVV ligt lager dan vorig jaar. Ze hebben 9 zetels gekregen, wat zich vertaald naar 18 in de Tweede Kamer, terwijl ze er 24 hebben. De holle retoriek van Wilders lijkt dus al zijn hoogtepunt te hebben gehad. Maar het vacuüm duurt voort en er zullen vast weer andere trucs uit de hoge hoed komen mocht Wilders’ clubje weer uiteen spatten.

De SP is al met al ook niet het antwoord gebleken. In haar post-groeispurt fase van 1994 tot 2006 lijkt de partij steeds minder een mogelijk alternatief te zijn voor de arbeidersklasse. Althans, de partijmachine. De SP heeft nog steeds veel activisten die goed werk doen en soms het verschil maken. Ron Meyer bijvoorbeeld in Heerlen heeft in 2010 een vitale rol gespeeld in de organisatie en radicalisatie van de schoonmakers, een voorheen apathische sector. Onder de slogan van “Respect!” is deze groep getransformeerd naar een strijdbare sector die zich niet zomaar meer laat commanderen. Dergelijke arbeiders-leiders hebben we veel meer nodig.

Helaas worden dergelijk waardevolle mensen slechts gezien als een “gezicht” dat je op het merk SP kunt plakken. Dat de partijleiding niet openstaat voor een linksere koers door deze “plakkers” laten de royeringen wel zien die leden van bijvoorbeeld IS en Socialistisch Alternatief hebben ondergaan. De partij is er alleen maar ondemocratischer op geworden en de cultuur van ja-knikken versterkt. Daarmee is het mechanisme om de partij te transformeren en tot een potentiële arbeiderspartij te maken, verstompt.

Srijdbewegingen zullen het dus een tijd lang moeten stellen zonder een degelijk politieke leiding. Klein links (IS, Socialistisch Alternatief, Doorbraak, NCPN/CJB, etc) kunnen daar maar in zeer beperkte manier een invulling aan geven. Desondanks zal het binnen de SP wel degelijk blijven borrelen. Toekomstige splits zijn ook niet uitgesloten.

Dat herinnert me er overigens aan: de CDSP/Solidara kwestie! Waar ging dat ook alweer over? Bij de vorige Senaatsverkiezing in mei 2007 werd Düzgün Yildirim gekozen voor de SP door de SP provinciale statenleden. Dit was echter niet de bedoeling van de partijleiding (Yildirim stond op een onverkiesbare plek, de SP PS leden hadden echter met voorkeusstemmen Yildirim verkozen) en deze eistte, op haar zo charmante manier…, dat Yildirim zou aftreden. Om dergelijke voorvallen in de toekomst te voorkomen werd er een nieuwe regel verzonnen door de partijleiding: de SP PS leden moeten zich voortaan aan de lijstvolgorde houden, dat heet, stem altijd nummer 1. Democratie heet dat dan.

Hoe dan ook. Yildirim protesteerde en zette in juli het Comité Democratisering SP op, iets waar Socialistisch Alternatief (destijds nog Offensief) zich bij aansloot. Dit had het potentieel om een grote groep SP’ers te bereiken en een campagne op te zetten voor democratische hervormingen in de partij, iets wat de arbeidersbeweging ten goede zou komen aangezien zo veel meer stromingen in de arbeidersbeweging een thuis konden vinden in de partij, waardoor de partij dan ook het potentieel zou hebben om een echte klassepartij te worden.

Maar de door de rechterzijde gedomineerde partijleiding – die bij zoiets alles te verliezen heeft – wilde er niets van weten en royeerde Yildirim. Helaas trok dit het gros van de mensen bij het CDSP leeg richting een split dat Yildirim verzekerde van zijn zetel in de Senaat. De split kreeg de naam Solidara en bestaat nog steeds. Daarna schijnt de partij nog een keer gesplit te zijn, maar ik ben het overzicht sinds begin 2008 kwijt en het interesseert me ook niet zoveel.

Dat het eigenlijk niemand wat interesseert blijkt ook uit de verkiezingsresultaten van deze “partij”. Bij de Europese verkiezingen in 2009 haalde ze daar een spectaculaire 0,2% van de stemmen (volgens Wikipedia). Bij de gemeenteraadsverkiezingen vorig jaar ging het al niet veel beter en haalde ze een score van 0,9% in Zwolle (de enige plek waar ze meedongen). Nu deed Solidara mee in Overijssel en Drenthe en behaalde ze respectievelijk 0,16% en nul zetels (ik zie geen exacte percentages bij deze pagina). Het lijkt er dus op dat Düzgün na 23 mei een nieuwe baan moet gaan zoeken.

Met het einde van dit voetnootje komt ook een einde aan een meningsverschil die we destijds hadden en we uiteen zette in een Open Brief begin 2008. Een toenmalig lid van Offensief zag het namelijk helemaal zitten met Solidara en werd er zelfs partijsecretaris voor. De meerderheid van onze groep kon zich hier echter niet in vinden en vond dit gedrag uitermate schadelijk. Hij voelde zich blijkbaar niet serieus genomen en zei z’n lidmaatschap op. Later heb ik nog even vernomen dat hij de revolutie was begonnen bij GroenLinks en tegenwoordig zit hij bij de Vonk, om maar met Ted Grant’s woorden te spreken, de “twee mensen en hun hond” sectie van het IMT. Een beetje jammer dat het Nederlands revolutionair linkse landschap zo nog verder versplinterd is geraakt, het is al allemaal zo klein.

Hoe dan ook, strijd is nodig. De regering heeft inderdaad een minderheid, maar slechts een uiterst marginale. De SGP, 50+, D’66 of een andere partij hoeft slechts steun te geven, al is het maar met één zetel, om wetten erdoor te krijgen. De SGP lijkt hiervoor de meest willende kandidaat.

Ook zal de strijd op zichzelf nieuwe arbeiders-leiders opleveren, een voorhoede kweken. Het is de taak van communisten om daaraan een degelijke basis te geven.

Autor: Jos

~ 17/12/10

Vandaag maakte Femke Halsema bekend op te stappen als fractieleider van GroenLinks, een politiek leider die bekend stond om haar pro-liberale koers. Wat betekent dit voor de ontwikkeling van de partij? Is een verschuiving naar links weer mogelijk? En wat houdt dit in voor de SP?

GroenLinks is in 1989 ontstaan als een fusie van vier kleine linkse partijen: de Communistische Partij Nederland, de Pacifistisch Socialistische Partij, de Politieke Partij Radikalen en de Evangelische Volkspartij (1). Sinds het aantreden van Halsema maakte de partij een scherpe ruk naar rechts, zo werd de koers “links-liberaal”, wat feitelijk een omarming van neoliberale politiek inhield. Zo komt ze sinds 2006 op voor een versoepeling van het ontslagrecht. Op haar website schrijft ze daarover: “Het ontslagrecht beschermt werknemers tegen onredelijk ontslag en regelt financiële compensatie bij ontslag. In de praktijk sluit het huidige ontslagrecht niet aan bij een moderne arbeidsmarkt” wat dan concreet inhoudt dat “om ervoor te zorgen dat iedere werkende gelijk wordt behandeld, wil GroenLinks de huidige ontslagvergoedingen voor enkelen omzetten naar scholingsrechten voor allen. Bedrijven moeten mensen niet op straat zetten, maar van werk naar werk begeleiden” (2). Klinkt leuk in theorie, in de praktijk betekent het baanonzekerheid in een tijd van crisis en het ondersteunen van de behoefte van kapitalisten aan een “leger van arbeid” dat ze altijd weer op straat kan zetten naar gelang haar noden. Dit wordt nog eens onderstreept door expliciet een baangarantie uit te sluiten, immers het ontslaan van mensen hoeft alleen te worden “ontmoedigd”.

Een recenter voorbeeld is is de inzet van de partij om in een “Paars-plus” coalitie te komen. GroenLinks zette zich toen, veelzeggend, sterk af tegen de “sociaal-conservatieve” SP. Arno Bonte, fractievoorzitter voor GroenLinks in Rotterdam vat het aardig samen: “Er is een toenemende tegenstelling tussen mensen die in de veranderende samenleving vooral de kansen zien en mensen die die veranderingen vooral als bedreiging ervaren. […] Die analyse is in mijn ogen de belangrijkste basis voor Paars-plus. Er tekent zich een nieuwe politieke waterscheiding af: een tegenstelling tussen de optimisten en de pessimisten. De optimisten, de mensen die vooral de kansen zien in de veranderende samenleving, vind je bij GroenLinks, D66, VVD en (in iets mindere mate) bij de PvdA. En de pessimisten, de mensen die de veranderende samenleving vooral als bedreiging ervaren, vind je bij de PVV, SP, SGP en (in iets mindere mate) bij CDA en ChristenUnie” (3). Achteraf pure dagdromerij.

Politiek merk

De pro-neoliberale koers van de partij heeft echter nooit zoden aan de dijk gezet. De partij bleef altijd marginaal, zo rond de tien zetels. Een reden hiervoor is dat met D66 en VVD, de “liberale” stroming al aardig goed is vertegenwoordigt. Omdat het verschil met D66 tegenwoordig zo klein is, gaan er zelfs geluiden op om maar te fuseren met deze partij, zoals blijkt uit de petitie “Nieuwe Partij” die door “kiezers” is opgezet, maar een brede stroming in beide partijen vertegenwoordigt: “Nederland is een vooruitstrevend, liberaal, sociaal land. Maar wij, de sociaal liberalen in Nederland, zijn verdeeld over Groen Links, D66, VVD, PvdA, PvdD, CDA en CU. Daardoor hebben we geen sterke stem. D66 en GroenLinks zijn samen de beste basis voor een sterke, progressief sociaal liberale partij”, inmiddels ondertekent door bijna 4000 mensen (4).

Het onderliggende punt hier is dat de partij – tegenwoordig een formatie die feitelijk alleen bestaat binnen parlementen, statenfracties en gemeenteraden – van een partij van activisten (zoals het geval was in de pre-fusie partijen) naar een politiek “merk” is geëvolueerd, of zoals Halsema het zelf kernachtig samenvat: “van de straat naar de staat”. Een partij waarin de partijleiding zich aan het roer ziet van een politiek bedrijf dat zich plooit naar de wensen van stemmers die de rol hebben van consumenten. Socialisten daarentegen staan voor een partij van activisten waarin leden een centrale actieve rol spelen en die door het bijeenbrengen van de meest politiek bewuste lagen van de arbeidersklasse ernaar streeft om de hele klasse te organiseren. Voor ons is een politieke partij veel meer dan een stemmenmachine. Het woord “partij” betekent feitelijk “deel”. Een socialistische partij organiseert dan ook het socialistisch deel van de arbeidersklasse. GroenLinks is al lang van dit idee afgestapt en het lijkt dan ook niet waarschijnlijk dat GroenLinks ooit weer een echte progressieve rol gaat vervullen in de arbeidersbeweging.

Bovendien, met het vertrek van Halsema verdwijnt het meest bekende gezicht van de partij. Haar vervanger, Jolande Sap, is een totaal onbekend figuur voor het grote publiek. Het gevolg hiervan hebben we kunnen zien toen Marijnissen vertrok als “boegbeeld” van de SP fractie; de partij kelderde hard in steun. Mocht de regering op redelijk korte termijn imploderen en nieuwe verkiezingen nodig zijn, ligt het voor de hand dat GroenLinks danig wat steun zal verliezen.

Waarschuwing voor de SP

Ook de SP zit op een dergelijke koers, hoewel deze partij zich nu nog in een overgang begeeft van het een naar het ander. In tegenstelling tot GroenLinks kent de SP wel een traditie van activisme en ook is de partij goed vertegenwoordigt in de meer activistischere lagen van de vakbeweging. Dit geeft een zekere tegendruk in de verrechtsing van de partij, maar desondanks is het de afgelopen jaren daar alleen slechter op geworden. Iets waar we vaak op hebben gewezen en wat ons niet in dank werd afgenomen, zoals onder meer bleek uit de twee royeringen van Socialistisch Alternatief leden uit de SP, met als argument dat we een “partij in een partij” zouden zijn.

De tendens naar rechts lijkt dus sterker te zijn, en dat heeft met twee factoren te maken. In de eerste plaats is er al lang geleden een koers ingezet op “reële eisen” om verkozen te worden en om een eigen politiek “merk” neer te zetten, iets wat grafisch vorm werd gegeven in het logo van de tomaat, een ontwerp van een reclamebureau! Hiermee gaf de partijleiding toe aan de status quo van de kapitalistische orde en wat er mogelijk is binnen het parlement. Coalities zijn hiervoor onvermijdelijk binnen het Nederlands bestel, wat de noodzaak aan nog meer “acceptabele” eisen versterkte en de verrechtsing versnelde.

De tweede, gerelateerde, reden is dat men in een dergelijk model geen behoefte heeft aan een mondig en zelfdenkend lidmaatschap. De politieke scholingen in de partij zijn er dan ook vooral op gericht om trucjes te leren (zoals “debattechnieken”) of organisatorische vaardigheden. Op zichzelf geen slechte zaken, maar wat ontbreekt is een politieke scholing. Het lidmaatschap wordt geacht te volgen wat de partijleiding ook zegt.

De enige reden waarom de partij nog een activistische basis heeft is omdat ze “activisten” (in de enge zin van het woord: folderaars, soepkar mensen, etc…) nodig heeft, aangezien dit hoort bij het politieke merk van de SP richting de doelgroep bij wie ze stemmen wil halen: de werkende klasse. In deze zin blijft de SP progressief aangezien mensen door hun activiteiten kunnen radicaliseren, iets wat steeds waarschijnlijker gaat worden in de komende periode van studenten- en vakbondsstrijd. Deze strijd blijft echter onderdanig aan de parlementaire fractie en daarmee dus beperkt.

Als socialisten roepen we op dat de SP drastisch moet veranderen. In de eerste plaats moet de partij democratiseren, zodat basisactivisten en de arbeidersbeweging in haar geheel kunnen debatteren over de te volgen tactieken, strategie en over programma en theorie. Van een dergelijk open debat cultuur gaat een enorme politiek educatieve werking uit, aangezien het activisten dwingt na te denken over dergelijke zaken.

Ten tweede moeten de verboden en belemmeringen op de revolutionair linkse stromingen per direct worden herroepen. Het is zaak dat we één arbeiderspartij vormen waarin verschillende stromingen zich kunnen organiseren. Wij zullen hierin blijven opkomen voor een Marxistisch programma die een concreet alternatief laat zien en beschrijft hoe we daar gaan komen, een programma die de arbeidersklasse als klasse voor zich organiseert, internationaal en democratisch.

Deze veranderingen zullen niet vanzelf komen. Zoals gezegd is de kans groot dat lagen van activisten binnen de SP de komende periode zullen radicaliseren. Vaak zal dat leiden tot desillusie in de partij en zullen deze leden vertrekken. Ook linkse splitsingen zijn mogelijk. De derde mogelijkheid is dat deze leden een principiële strijd kunnen voeren voor een meer radicale koers en, bij gebrek aan een democratische partijstructuur, horizontale links gaan leggen tussen basisactivisten. Dit biedt openingen om massale steun te krijgen om de partij te herorganiseren. Hoe dan ook, de komende periode van klassenstrijd zal cruciaal blijken voor de ontwikkeling van de SP en we hopen dat GroenLinks alvast goed laat zien wat het alternatief is als de huidige koers wordt aangehouden.

Noten
1. http://nl.wikipedia.org/wiki/GroenLinks
2. http://standpunten.groenlinks.nl/ontslagrecht
3. http://arnobonte.wordpress.com/2010/07/05/optimistisch-over-paars-plus/
4. http://www.nieuwepartij.nl/

Ik hoop met deze post dit blog weer eens nieuw leven in te blazen 🙂